Kennis in netwerken

(Ervarings)Kennis als grondstof, wederzijdse aantrekkelijkheid als bindmiddel. Het opbouwen van nieuwe kennis door deling met professionals , onderzoekers en beleidsmakers. Vorm geven aan nieuwe praktijken.

Over het Zwarte Gat

Kennisnetwerk en haar partners.

Home » Kennisontwikkeling » Nazorg en ervaringsdeskundigheid

Nazorg en ervaringsdeskundigheid

Nazorg en Ervaringsdeskundigheid

Onlangs werd ik gevraagd door de redactie een tweetal artikelen te schrijven over Ervaringsdeskundigheid en Nazorg.
Beide thema’s hangen voor mij sterk met elkaar samen en ik heb daarom besloten de vraag van de redactie niet geheel te volgen.
Ik maak er een drieluik van bestaande uit een middenstuk met mijn visie op verslaving en verslavingszorg en waarin tevens het verband zichtbaar wordt tussen de beide thema’s. De twee zijstukken gaan dan over Ervaringsdeskundigheid en Nazorg.



Korte kennismaking

Eerst zal ik me zelf even kort voorstellen.
Mijn naam is Martinus Stollenga en ik ben als vrijwilliger en beroepshalve ruim 30 jaar werkzaam op het terrein van reclassering en verslavingszorg. Momenteel doe ik dat in de functie regiomanager Drenthe van Verslavingszorg Noord Nederland (VNN) en daarnaast ben ik voorzitter van de stuurgroep Resultaten Scoren (RS). RS is een meerjarig kwaliteitsverbeteringproject van de verslavingszorg in Nederland.

Mijn bijdragen aan dit nummer zijn op persoonlijke titel geschreven.

Verslaving en verslavingszorg


Wat is dat nu verslaving?

Het woord zegt het al, je bent ergens slaaf van geworden. Dat klinkt eenvoudig, maar de achtergronden zijn veel minder eenvoudig en het je bevrijden als slaaf is al evenmin eenvoudig.

In de samenleving wordt verslaving nog vaak gezien als “eigen schuld dikke bult”. Als je weet hoe veel verslaafden zich schamen voor hun verslaving en die het liefst verborgen houden moet je misschien veronderstellen dat zij dezelfde mening zijn toegedaan.


Onderzoek

In wetenschappelijk onderzoek komen er echter steeds meer gegevens beschikbaar dat mensen die verslaafd raken een afwijkende hersensamenstelling hebben en dat verslaving zelf ook nog weer blijvende afwijkingen in de hersenen teweeg brengt.

Dat moet leiden tot een geheel andere visie op verslaving en ook op de behandeling ervan.


Leven met een beperking

Je kunt dan moeilijk stellen dat de verslaafde schuldig is aan zijn of haar verslaving. Is hij of zij daarmee dan machteloos overgeleverd aan die verslaving? Nee, want hij of zij is er wel verantwoordelijk voor hoe hij/zij omgaat met zijn/haar verslaving en de beperkingen als gevolg van de blijvende afwijkingen in de hersenen. Daarin verschilt een verslaafde in wezen niet van een diabetespatiënt. Ook die wordt niet genezen van zijn/haar ziekte, maar kan wel leren er mee om te gaan.

Veel zelfhulpbewegingen zoals de AA hebben dit altijd goed begrepen door te stellen: ik ben alcoholist maar ik drink niet meer. Alcoholist in de zin dat je blijvend moet oppassen niet weer terug te vallen in verslaafd alcohol gebruik en daarbij elkaar ter ondersteuning nodig hebt.

Voor de verslaafde zal in de verslavingszorg het continu leren omgaan met de verslaving en het daarbij bieden van steun het hoofddoel zijn. Dat wil zeggen dat volledige maatschappelijke participatie ondanks de beperking het doel is en dat alles ondergeschikt is aan het bereiken van dat doel.


Middelenmisbruik


Bij de verslavingszorg kloppen niet alleen verslaafden aan, maar ook mensen die de verschillende middelen misbruiken en daardoor problemen ervaren. Over hen ga ik het in het vervolg van deze artikelen niet hebben. Voor hen geldt over het algemeen dat ze normaal in de maatschappij functioneren en zij zijn over het algemeen niet actief in welke vorm van cliëntenbeweging dan ook.

Nazorg 


Verschillende begrippen

Er worden veel begrippen gebruikt die allemaal met het zelfde te maken hebben: rehabilitatie, herstel en nazorg.

Nazorg is in verband met verslaving eigenlijk een heel verkeerd begrip. Als verslaving een blijvende handicap is waarvoor blijvende ondersteuning nodig is dan bestaat er geen nazorg maar is er alleen continue zorg nodig.

Rehabilitatie en herstel zijn beide begrippen die gebruikt worden bij het (leren) leven met een beperking. Herstel heeft een relatie met empowerment en sluit daarmee goed aan bij verslaving. Immers je wilt je bevrijden van het slaaf zijn en dat sluit mooi aan bij het versterken van je eigen kracht, waar empowerment toch eigenlijk voor staat.

Na deze korte inleiding over een paar begrippen wil ik nader ingaan op maatschappelijke participatie.

 

Maatschappelijke participatie

Wat houdt dat nu eigenlijk in en wat is er voor nodig. Dat laatste is wereldwijd beschreven in een internationale beschrijving van de functies die iemand moet kunnen uitoefenen om in de maatschappij mee te kunnen doen. Deze zijn door de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) vastgelegd in de International Classification of Functioning (ICF).

Deze ICF is gebruikt voor het opstellen van de Agenda 22. Dit is een in Zweden ontwikkeld document dat is overgenomen door de Verenigde Naties (VN) en dat beschrijft wat iemand nodig heeft om met een beperking als gewoon burger in een gemeenschap te leven. Dit document sluit nauw aan bij de doelstellingen van de Nederlandse WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning). Deze wet regelt hoe gemeenten, burgers met welke beperking dan ook die ondersteuning kunnen en moeten bieden die hen in staat stelt als normaal burger in de samenleving te functioneren.

Belangrijke thema’s in de Agenda 22 zijn: toegankelijkheid van voorzieningen; onderwijs; arbeid; inkomen en sociale zekerheid; gezinsleven en persoonlijke integriteit; cultuur; recreatie en sport.


Doel van de behandeling

In de behandeling van verslaafden horen deze thema’s een belangrijke rol te spelen; afhankelijk van de betreffende verslaafde spelen niet alle thema’s een rol. Psychologische en psychiatrische behandeling zijn ondersteunend om het deelnemen aan de maatschappij mogelijk te maken en zijn geen doel op zich.

Vanaf het begin staat dan in de behandeling wat iemand nodig heeft om onderdak te verwerven en te behouden, zinvolle dagelijkse bezigheden te hebben, waardevolle relaties, vrije tijdsbesteding en het zoeken naar antwoorden op zingevingvraagstukken centraal.

De huidige praktijk wijkt hier nog van af, hoewel de verslavingszorg steeds meer biedt op het terrein van beschermd en begeleid wonen en werken en met andere organisaties samenwerking heeft die voor haar cliënten belangrijke voorzieningen hebben. Denk hierbij aan Gemeenschappelijke Kredietbanken (GKB), Intergemeentelijke Sociale Diensten (ISD), Sociale werkvoorzieningen, Woningbouwcoöperaties, enz.


Conclusie

De laatste jaren is het aanbod in de verslavingszorg aangepast aan de wetenschappelijke kennis die beschikbaar is gekomen over de blijvende beperkingen die verslaving met zich meebrengt. Die aanpassing is naar mijn smaak nog niet voltooid.

Die zelfde kennis moet nog leiden tot een tweede aanpassing, namelijk het centraal stellen van het begrip Herstel als centrale doelstelling van de hulpverlening.

Dit is één van de thema’s op de lijst van thema’s waarmee we het programma van Resultaten Scoren 2008 – 2009 gaan samenstellen.


Ervaringsdeskundigheid

Letterlijk betekent ervaringsdeskundigheid de kunde van het omgaan met ervaring en meer praktisch vertaald in dit verband: het vermogen opgedane ervaring toe te passen voor anderen.


Welke ervaring?

Over welke ervaring hebben we het in de verslavingszorg?

1.      Middelenmisbruik, omgang met de omgeving en zorgverlening.
2.      Verslaving, omgang met de omgeving en zorgverlening
3.      Omgeving van een verslaafde.

De eerste groep laat ik hier verder buiten beschouwing om redenen die ik eerder al heb aangegeven.

De tweede groep omvat de mensen die verslaafd zijn, daarmee ervaren hebben hoe hun omgeving daarop reageert en hoe zij daarmee omgaan en ervaring hebben met verschillende zorgverleners.

De derde groep bestaat uit de mensen uit de directe omgeving van de verslaafde; denk daarbij aan ouders, kinderen, partners, enz.


Toepassingsmogelijkheden

De ervaring kan op verschillende manieren worden gebruikt passend bij wat er nodig is. Ik som die mogelijkheden kort op.


Collectieve belangenbehartiging

De WMO en Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen (WMCZ) bevatten artikelen die mensen met een beperking de mogelijkheid bieden hun gemeenschappelijke belangen te behartigen. In de WMO is dat geregeld in de WMO Raad en daarin kunnen mensen met een beperking invloed uitoefenen op de voorzieningen die een gemeente aanbiedt om je in staat te stellen gewoon als burger te functioneren in de samenleving. In de WMCZ is de invloed op het behandelbeleid van een zorginstelling geregeld door het instellen van cliëntenraden met een (verzwaard) adviesrecht.


Verbeteren van de zorg

De collectieve belangenbehartiging is uiteraard gericht op het verbeteren van de zorg. Ook kunnen mensen met ervaring een bijdrage leveren door zelf zorgvormen aan te bieden. De AA en andere zelfhulpgroepen zijn daar een voorbeeld van. En ook andere door cliënten opgezette projecten zoals informatievoorzieningen voor verslaafden en maaltijdvoorzieningen.

Ook kunnen deze cliëntgestuurde projecten steeds meer overgenomen worden door professionals zoals met de Therapeutische Gemeenschappen op veel plaatsen in de wereld is gebeurd.


Overbruggen afstand tot verslavingszorg

Mensen met ervaring kunnen een belangrijke rol spelen in het stimuleren van verslaafden hun verslaving meer onder controle te krijgen en daarbij waar nodig gebruik te maken van zorgorganisaties. Zij kunnen hen ook helpen de weg naar die organisaties te vinden en drempelvrees te overwinnen.

Deelname van een ervaringsdeskundige in een ACT team is hiervan een voorbeeld. ACT (staat voor Assertive Community Treatment) is een uit de VS overgekomen aanpak die blijkt te werken voor mensen met veel en complexe problemen. Deze mensen komen in behandeling bij een team waarin verschillende deskundigen zitten, waaronder een ervaringsdeskundige.
 

Voorlichting

In de samenleving zijn er veel vooroordelen tegen verslaafden en dat bevordert uiteraard niet de mogelijkheden om aan die samenleving deel te nemen. De ervaring van verslaafden is belangrijk om de samenleving een meer realistisch beeld van verslaafden te geven en haar uit te nodigen verslaafden een kans te geven deel te nemen, bijvoorbeeld door het aanbieden van onderdak of werk.
 

Kinderen

Veel verslaafden hebben in hun jeugd te maken gehad met een omgeving waarin verslaving en/of (seksueel) geweld voorkwamen en dat lijkt vaak bijgedragen te hebben aan het verslaafd gebruik van middelen. Het is daarom van groot belang om dit soort situaties voor kinderen te voorkomen. De mensen met ervaring zijn degenen bij uitstek die deze situaties kunnen herkennen, het belang inzien van dat ze beëindigd moeten worden en betrokkenen kunnen stimuleren om ze te beëindigen.


Directe omgeving

De directe omgeving kan veel last van een verslaafde hebben, maar kan ook veel bijdragen aan het Herstel.
Naaste familieleden en andere direct betrokkenen willen over het algemeen graag bijdragen aan het Herstel. Ervaringskennis van andere direct betrokkenen en verslaafden kan hen helpen dat te doen wat ook werkelijk bijdraagt aan Herstel.


Conclusie: investeer in ontwikkelen ervaringsdeskundigheid

Uit bovenstaande opsomming blijkt dat er voor mensen met ervaring met verslaving veel werk te doen is. De hoeveelheid werk zal mogelijk nog toenemen als het steeds moeilijker wordt voldoende geschoold personeel te werven voor de sector.

Verslaafden en de sector zullen gezamenlijk moeten investeren in het optimaal kunnen benutten van de aanwezige ervaring. Dat kan door opleiding en training. Deze en de daarop volgende werkzaamheden zullen zo aantrekkelijk gemaakt moeten worden dat meer verslaafden dan nu zich willen belasten met de zo belangrijke taak hun ervaringskennis deskundig toe te passen als ervaringsdeskundige.

De cliëntenraden hebben de laatste jaren al een begin gemaakt met deze ontwikkeling door het versterken van de functie van de cliëntenraden, onder andere uitmondend in de recente verzwaarde adviezen met betrekking tot Herstel en door de initiatieven voor cliëntgestuurde projecten. Zij zullen hier krachtig mee door moeten gaan. De aanbieders van verslavingszorg kunnen daar dan niet bij achter blijven en zullen zoals hier is voorgesteld ook moeten investeren.

Ook dit is één van de thema’s die deel uitmaken van de lijst met thema’s waaruit het programma 2008 – 2009 van Resultaten Scoren wordt samengesteld.

 

Groningen, 9 december2007.
Martinus Stollenga Regiomanager VNN
Voorzitter stuurgroep Resultaten Scoren